Rond het thema Rampjaar 1672 organiseren we een reeks van lezingen, die de gebeurtenissen tijdens dat jaar in onze omgeving tekens vanuit een ander gezichtspunt zullen belichten. Deze reeks begon overigens al in oktober vorig jaar met de ‘aftrap’, die verzorgd werd door landelijk Rampjaarkenner Luc Panhuysen. Vele geïnteresseerden hebben zijn boeiende verhaal (destijds in de Willisstee in Wilnis) bijgewoond. Panhuysen vertelde in zijn lezing over het algemene verhaal van het Rampjaar. Hij belichtte de grote en belangrijke feiten van die periode, maar nam ook enkele misvattingen onder de loep. 

Wat mag u wanneer verwachten?
Alle lezingen zijn deze zomer in de R.K.-kerk aan de Herenweg in Vinkeveen, de ruimte waarin we ook de grote thematentoonstelling inrichten. De aanvang is telkens om 13.30 uur. Gedurende een uur krijgt u volop interessante achtergrondinformatie omtrent de gebeurtenissen in 1672, u aangeboden door een flinke groep plaatselijke historici. Een overzicht:

2juli                             Paul Hoogers              Politiek, economie en objecten uit 1672     
9 juli                            Luuk Smit                    L’état c’est moi                      
13 augustus                Luuk Berk                    Het Franse geweld en de beleving ervan     
27 augustus                Arie Bloed                   Waverveen in een dodelijke Franse storm
10 september             Maarten Ouboter        Inundatie 1672, het waterbeheer         
24 september             Vera Verweij                 Het Rampjaar in beeld gebracht                  
15 oktober                  Joke Kok                      De Rampjaren in en voor Utrecht                                                    

De verschillende lezingen kort toegelicht:

2 juli: Politiek, economie en objecten uit 1672 (Paul Hoogers)
In het eerste deel van de lezing behandelt de spreker de politieke situatie in het  koninkrijk Frankrijk en in de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden. Daarbij ligt de nadruk op de staatsinstellingen en de economische situatie. In het tweede deel wordt globaal ingegaan op diverse onderwerpen die in de tentoonstelling aan bod komen. Bijvoorbeeld de Franse activiteiten aan de oostkant van de gemeente, de inzet van uitleggers, de kaarten, de maquette, van Waverveen, de Franse plunderingen en de locatie Veldhuis te Wilnis.
Paul is gepensioneerd docent geschiedenis en gepassioneerd archeoloog en woont in Uithoorn. Al vele jaren is hij voorzitter van de Archeologie Werkgroep Nederland, afdeling Amstelveen. Sinds 2016 is hij bestuurslid van de historische vereniging De Proosdijlanden.

 

9 juli: L’état c’est moi (Luuk Smit)
In zijn lezing zal Luuk Smit in gaan op het Franse ancien régime en het beleid van Lodewijk XIV. Naast de binnenlandse kwesties komt uiteraard de buitenlandse politiek van de roi soleil aan bod, en dan met name zijn rol in de Guerre de Hollande van 1672. Bij ons beter bekend als: het Rampjaar.
Luuk Smit is 28 jaar oud en woonachtig in Mijdrecht. Hij heeft geschiedenis gestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam, waar hij zich specialiseerde in moderne Joodse en Israëlische geschiedenis. Sinds april dit jaar is hij werkzaam bij de Telegraaf als bureauredacteur.

 

13 augustus: Het Franse geweld en de beleving ervan in onze regio (Luuk Berk) 
Een lezing over de gebeurtenissen in de Ronde Venen gedurende de Franse invasie. De persoonlijke ervaringen van mensen uit de regio staan centraal. Hierbij passeren ook de inname van Abcoude en de verwoesting van Waverveen de revue.
Het ooggetuigenverslag van dominee Henricus Selijns, van 1666 tot 1682 predikant in Waverveen, wordt toegelicht. Ook het boek ‘’Historisch Verhael van de Fransche Tyrannye gepleegt in de dorpen Loenen, Loosdrecht, Waverveen, Botshol, Abkoude, Nichtevecht, &c.’’ van de Amsterdamse boekverkoper Ian Claesz. ten Hooren krijgt aandacht. De Nederlandse zeeheld Michiel de Ruyter heeft eveneens een rol gespeeld in de lokale verdediging tegen de Fransen. Hij bracht verdedigingsvoorbereidingen tot stand met behulp van de inwoners van Uithoorn.
Luuk Berk is tweedejaars bachelor student Geschiedenis aan de Universiteit van Amsterdam, hijis vooral geïnteresseerd in de persoonlijke verhalen uit de geschiedenis.

27 augustus: Waverveen in de dodelijke Franse storm (Arie Bloed)
De grootste ramp die het dorp Waverveen ooit heeft getroffen is ongetwijfeld de brute overval door Franse militairen tijdens een koude novembernacht in 1672. Tijdens die nacht kwamen enkele tientallen mensen om het leven en viel bijna de helft van alle woningen aan de vlammen ten prooi. Arie Bloed gaat in zijn lezing uitgebreid in op wat er destijds in Waverveen voorviel. In zijn verhaal gebruikt hij de geschriften van de toenmalige predikant van de gereformeerde kerk in het dorpje, ds. Henricus Selijns, die waarschijnlijk al binnen twee weken na de ramp de gebeurtenissen in het Kerkboek beschreef.

Dr. Arie Bloed is een geboren en getogen Wavervener, die zich na zijn studies geschiedenis en rechten jarenlang heeft bezighouden met internationale veiligheidsvraagstukken. Ondertussen bleef zijn hobby de plaatselijke en regionale geschiedenis van de Ronde Venen, waarover hij geregeld publiceert, onder meer in kwartaalblad ‘De Proosdijkroniek’. Samen met Jan Compier publiceerde hij in 2021 het boek ‘Waverveen: van boeren, burgers en buitenlui’. Arie Bloed verblijft doorgaans in Zuidoost Azië.

10 september: De 1672 inundatie gezien vanuit het waterbeheer (Maarten Ouboter)
Door de taken die van oudsher bij de waterschappen liggen, zorg voor de waterveiligheid, afvoer van wateroverschot, aanvoer bij tekort en de zorg voor gezond water, is er een ruime ervaring in het ‘sturen’ van water. Die ervaring kwam van pas toen in juni 1672 in allerijl een laatste redmiddel werd ingezet om de optrekkende legers te weren van het hart van Holland. 
Hoe werkt het waterbeheer in Amstelland tegenwoordig en hoe destijds? Hoe kon de inundatie bewerkstelligd worden? De inundatie van 1672 luidde een nieuw tijdperk in voor de polders van de Ronde Venen. Wat zien we daar nog van terug? Tot slot een vertaling naar moderne tijden: Er zijn overeenkomsten met de aanvoer van zoet water naar Rijnland in de droge zomer van 2003. En wat voorzien we voor de toekomst van het water van de Ronde Venen?
Maarten Ouboter studeerde aardwetenschappen en werkt sindsdien in het waterbeheer. De eerste 15 jaar bij het Waterloopkundig Laboratorium in Delft, en toen ook al in het gebied van de Rondvenen (Botshol, Vinkeveen) en de laatste 22 jaar voor het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht. Zijn passie is het proberen te begrijpen van het watersysteem, waarom is het zoals het is, wat leren we van het verleden voor de uitdagingen van de toekomst.

Soriuos ingekleurdWaverveen in brand; ingekleurde tekening naar Isaac Sorious (datering 1672 - 1676; prent in een reeks van afbeeldingen)

 

24 september: Het Rampjaar in beeld gebracht (Vera Verweij)
Tijdens het Rampjaar zijn diverse etsen en schilderijen gemaakt van de gebeurtenissen. Iedere geïnteresseerde kent wel het werk van Romeyn de Hooghe of het schilderij van de gelynchte lichamen van de gebroeders De Witt. Ook in de latere eeuwen was 1672 een veel gekozen onderwerp: denk maar aan de etsen uit de 18e eeuw of de schoolplaat van de prins aan de Hollandse Waterlinie door J.B. Wolters uit 1911. Tijdens deze lezing laat Vera de toehoorders vanuit een kunsthistorische invalshoek kennismaken met verschillende kunstuitingen over 1672 door de eeuwen heen. Waarom was 1672 een veel gekozen onderwerp? En wat vertellen de schilderijen en etsen ons over de manier waarop de mensen toen naar de gebeurtenissen in het Rampjaar keken? 
Vera is 23 jaar en woont in Mijdrecht. Na van Paul Hoogers geschiedenis te hebben gekregen op de middelbare school, is Vera geschiedenis gaan studeren aan de Universiteit van Amsterdam. In september start zij de master Stadsgeschiedenis. 

15 oktober: De Rampjaren in en voor Utrecht (Joke Kok-Hamersma)
De spreekster zal in haar lezing de situatie in de stad Utrecht ten tijde van het Rampjaar 1672 bespreken en uitleggen wat de reden was van de snelle overgave van de stad aan de Fransen. Ook zal de inkwartiering van de Fransen in de stad Utrecht aan de orde komen en wat het kostte om te zorgen dat de Fransen weer uit de stad vertrokken. Tevens gaat Joke in op het monument van de protestantse viceadmiraal Van Gendt in de Domkerk en wat de plaatsing van dat beeld te maken heeft met het Rampjaar. Daarbij zal ook het voor de stad Utrecht volgende Rampjaar, namelijk 1674, ter sprake komen.
Joke Kok is gepensioneerd docente Nederlands en geschiedenis. Sinds haar pensionering is zij werkzaam als rondleider in de Domkerk van Utrecht.